| |
Red Thirst
De woestijn, zinderende hitte, trillende horizon, de dorst.
Uitgesponnen klankvelden, bestaande uit accoorden met de zeven tonen
uit de diatonische ladders. Door de noten in de accoorden niet als
ladder (C-D-E etc.) maar als negatieve ladder (C-B-A
etc.) te stapelen in septiemen, ontstaat er een weidse klank, die
mede de instrumentatie van het werk bepaald heeft. De bezetting
bestaat uit instrumenten die extreme registers aankunnen zoals de
contrafagot, basklarinet en harmonium.
Een klank-compositie met een zekere logica in de opeenvolging van
clusters werd beoogd. De structurering van de accoorden is quasi
volgens de klassieke harmonische functionaliteit; na een C accoord
(C-B-A-G etc.) komt bv. een G-accoord (G-Fis-E etc.) *. Deze functionaliteit
is voelbaar, maar is onderhuids, wat mede komt door de cluster-achtige
werking van de accoorden, en het ontbreken van ritmiek. Ook het
overlappen van accoorden en het gebruik van voorhoudingen, vertragingsnoten
en appoggiaturas vertroebelt dit functionaliteits-bewustzijn.
* Ondanks het feit dat hier verwezen wordt naar harmonische functionaliteit
in klassieke zin, refereert de term accoord hier niet aan drieklanken.
Edward Top
|